Geplaatst op

Brussels Stamenei! – 16 november

AAINDELAAIK!

Na een vol jaar wachten starten de Manne van de Platou opnieuw met hun vertrouwde Brusselse Stameneis.

Op dinsdag 16 november 2021 om 20u00 treden de Braave Joenges op tijdens het Brussels Stamenei. Et moo gezeid wëdde: et es uuk de mooite wêd, want et es blues (of bloes op zan Brussels) gelak as dat allien d’ameirikoinders da kunne moêke.

Wette gaaile wa da den besten Brusselsen bloes es? Neie, awel dat es wa da Mars Moriau, onze kameroêt van Emballage Kado ons altaaid vertelt: “ ’n bloes op a bakkes!

Waar? Voorlopig is het in de sporthal Victoria in de Ganshorensestraat/Autriquestraat in Koekelberg te doen, want daar is ruimte genoeg en kunnen ze de maatregelen rond madam Corona beter toepassen. Ze zorgen dus absoluut voor de nodige veiligheid en het gewenste comfort.

Noteer het in je agenda en we kijken er naar uit om iedereen in de Platou terug te zien.

Info en rezerveire via henri.geeraerts@gmail.com of 0472 635455.

Santei!

Meer informatie over de activiteiten van september tot januari 2022 vind je in deze affiche.

Kadert binnen de Weik van ‘t Brussels.

Geplaatst op

Brusselse Toêllesse – start vanaf januari 2022

Goesting in het Brussels?

De ‘Toêllesse Brussels’ brengen de cursisten kennis bij over de Brusselse woordenschat en de grammatica. Ze worden vooral ludiek opgevat en baden in een luchtige sfeer met onder meer zangstonden en uiteenzettingen. 

Deze gaan (tot nader order) door @ Oeis Van’t Brussels/Het Goudblommeke In Papier, Cellebroersstraat 59, 1000 Brussel van 19u30 tot 21u30 (1 avond om de twee weken).

Deelnameprijs september tot mei:  90,00 euro vè alleman vè alle lesse (incl. 1 dinei)

Gezien de voorlopig nog onduidelijke Covid19-maatregelen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voorzien we de start van de toêllesse in januari 2022. 

Zodoende hopen we erin te vliegen met een goedgevulde klas van mensen die goesting hebben in ’t Brussels en kunnen we de garantie op een veilige ontvangst beter vrijwaren.
 
We communiceren over de start in onze nieuwsbrieven, site en sociale media, dan blijf je zeker op de hoogte en hoef je niks te missen als je er graag bij bent!
 
In tussentijd kan je het Brussels horen via  www.brusseleir.eu en via onze facebook of Youtube.
 
Indien je nog bijkomende vragen hebt, kan je uiteraard steeds bij ons terecht via info@brusseleir.eu.
 
Tot binnekët!

Geplaatst op

MIRA SISSAU – NIEUWE MEDEWERKSTER BRUSSELEIR! – ZWAAIEN NAAR HET ATOMIUM VANUIT MIJN RAAM

De stad herleeft sinds de start van het schooljaar. Ook bij Brusseleir! is er een en ander op til. Sinds 1 september is Mira Sissau gestart als kersverse nieuwe algemeen assistente. Vanaf 5 oktober verzorgt zij de ticketverkoop van het Brussels Volkstejoêter en het onthaal in Et Oeis van ’t Brussels. Haar studies aan Sint-Lukas brachten haar naar Brussel en ze is blij dat ze in het midden van het centrum opnieuw aan de slag kan in de stad van haar hart.

Hoe ben je bij Brusseleir terechtgekomen?

Toen ik de vacature zag was ik op slag verliefd omzeggens. Zelf ben ik afkomstig uit Halle, maar laat ons zeggen dat de Halle als kleinere stad altijd een beetje beïnvloed werd door grote zus Brussel. Ik heb altijd een grote liefde gekoesterd voor Brussel, ik studeerde in Schaarbeek en woonde een tijdje in Sint Gillis. Onderhand hoef ik er niet per se te wonen en ben ik verhuisd naar een leuk huis met tuin aan de rand van een bos in Buizingen. Dat heb ik nodig om af en toe tot rust te komen. Tijdens de lockdown verdiepte ik me in planten, bomen, bloemen en een moestuin, ik zou dit niet kunnen missen. Toch ben ik heel content dat ik mij via Brusseleir terug in de stad kan onderdompelen. Ik ben in Brussel de beste versie van mezelf, wat dit ook mag zijn (lacht). Op vijftien minuutjes sta ik middenin het stadsgedruis. Als het niet pijpenstelen regent wil ik graag met de fiets komen, maar dat is misschien eerder een voorjaarsactieplan.

Waar kijk je naar uit?

Naar het heen en weer crossen in de stad en bezig te zijn met dat dialect. Het lijkt me heel inspirerend de stad en haar dialect te (her)ontdekken, ik heb echt veel goesting om hier vanalles uit te steken bij wijze van spreken en het Brussels onder de mensen te brengen. De winkels en cafés in de Vlaamse steenweg inspireren me enorm. Ik spring vaak eens binnen voor interieurinspiratie en een Geuze Boon.

De oude Brusselse rakkers of de oude getrouwen van Brusseleir zullen mij hopelijk van hun kant wegwijs kunnen maken met verhalen, impressies en tips over het Brussels. Het dialect voelt vertrouwd aan door mijn jeugd in Halle. Woorden als dasjtere, smosjtere en apsjaar kwamen vaak voor tijdens gesprekken tussen mijn mama en mijn mémé. Ik heb lange tijd gewerkt in ‘Tes tien en tander’, een café waar Brusselaars als eens een koffie komen drinken, dus uitspraken als ‘moet dat in een prouper jat’ en ‘we zaain voesj’ vlogen er over de toonbank.

Je voelt je dus goed in Brussel?

Zeker! Al van jongs af aan nam ik met mijn vader op zondag de trein met bestemming Brussel-Zuid. Daar liepen we verloren tot we toe waren aan een lekkere tas koffie. Een dagje winkelen, een concert meepikken of een tentoonstelling bezoeken was slechts een korte treinrit verwijderd van Halle. Angst om s ’nachts na een avondje uit naar huis te gaan heb ik niet. Ik ben een wandelaar en na een nachtje feest in het centrum wandelde ik vaak terug naar Sint-Gillis via de Anspachlaan. Vanuit mijn tuin zie ik het Atomium schitteren, dus Brussel is nooit veraf. Dan zwaai ik richting Brussel in de hoop dat er iemand vanop het terras in de Monk met een Zinnebir in de hand terug zwaait.

Geplaatst op

AN JANSSENS – DIRECTEUR BIJ GO! COOVI SO – VOOR MIJZELF KAN IK GEEN BETERE PLEK OF JOB BEDENKEN, IK HOOR HIER THUIS –

De campus van COOVI of voor sommigen beter bekend als ‘de CERIA’ langs het kanaal in Anderlecht gonst meestal van de bedrijvigheid, in augustus is het hier echter opvallend stil. Je kan je er in alle rust vergapen aan de gebouwen, het groen, de torens en een enkele vogel die de lucht doorklieft. Maar dit is slechts schijn, op het secretariaat zijn ze druk in de weer om het nieuwe schooljaar op de rails te zetten en goed voorbereid en fris aan de start te verschijnen. De campus slaapt vanaf september enkel nog tussen elf uur ’s avonds en 6 uur ’s ochtends. Een van de drijvende krachten is An Janssens, sinds 3 jaar is ze verantwoordelijk voor het reilen en zeilen op de COOVI-campus, een architecturale parel van de hand van Jean Polak. Ze is directeur van GO! COOVI SO (het secundair onderwijs) en domeinbeheerder van de campus, dus verantwoordelijk voor alle infrastructuur, de veiligheid en het campusbudget. An lijkt alvast helemaal klaar om haar tanden in het nieuwe schooljaar te zetten! Het goede nieuws is dat er nog enkele samenwerkingen met Brusseleir! op de agenda staan. Voor het schooljaar echt uit de startblokken schiet en alle tenues tijdig gewassen raken, maakt ze ons met de glimlach en vol enthousiasme wegwijs op deze bijzondere campus.

Kan je kort vertellen wat er allemaal te beleven valt bij COOVI?

Op de COOVI-campus kan je studeren op elk niveau, je kan hier namelijk terecht voor secundair onderwijs, deeltijds beroepsonderwijs en volwassenonderwijs en zelfs een 7de specialisatiejaar. Er is keuze te over! Als je groene vingers hebt kan je je passie botvieren bij de richting tuinbouw, voor wie een zwak heeft voor lekker vlees en dat bovendien graag zelf wil bereiden is er de Slagerij.  Voor de bakkers in spé is er de richting Bakkerij. En voor diegenen die een sprong in de horeca wel zien zitten is er tenslotte de afdeling Hotel/Keuken en Restaurant. Er is ook een internaat aan de campus verbonden waar onder meer de jeugdspelers van RSC Anderlecht verblijven. Met een heel tof team van stuk voor stuk geëngageerde mensen gaan we op zoek naar de juiste oplossing voor elke leerling. Dat kan gaan om voltijds dagonderwijs, avondonderwijs of een combinatie waarbij ze al op de werkvloer staan en op andere dagen lessen volgen. Het gaat erom dat ze volgens hun eigen ritme het best mogelijke traject kunnen volgen binnen de systemen die de campus kan aanbieden. Binnen de richting Hotel/Restaurant en Keuken kan je komen lunchen in het didactisch restaurant. Het restaurant is gelegen op 60 meter hoogte en biedt een geweldig panoramisch zicht over Brussel en het Pajottenland. De keuken- en zaaldienst wordt verzorgd door de leerlingen of cursisten, zij leren in een realistische omgeving technieken, attitudes en vakkennis aan. Zo kunnen ze de nodige ervaring doen en al een beetje proeven van het beroepsleven. De menu’s verschijnen regelmatig op de website van de school en worden opgesteld in functie van de lessen. Iedereen kan reserveren en genieten van een hoogstaande lunch en tegelijk je ogen de kost geven door het unieke panorama. We hebben een zeer goed contact met de Franstalige partner op onze campus, wat ook bijdraagt tot een goede samenwerking.

Je komt eigenlijk uit West-Vlaanderen?

Dat klopt, ik ben geboren in Halle maar heb  West-Vlaamse roots. Door intense dictielessen ben ik het accent grotendeels kwijtgespeeld. Ik sprak immers beter West-Vlaams dan algemeen Nederlands. Daar heeft Lode Dehaen in de plaatselijke academie een mouw aan gepast. Mijn ouders waren hardwerkende zelfstandigen met als core business het verkopen van drank -en snackautomaten en dan vooral koffiemachines in de horeca. Zelfstandige zijn en dat combineren met een gezinsleven, ligt niet voor de hand. Daardoor ging ik regelmatig bij tante Emma in Torhout op de boerderij. Daarna ging ik op internaat in Gent, waar mijn grootouders een stoffenwinkel hadden in het centrum van de stad. Het was een heerlijke tijd waarbij ik op woensdagnamiddag in de weer was met naald en draad. Daardoor had ik steeds goede punten voor handwerk, al bestaat dat vak nu natuurlijk niet meer (lacht)! Dat deed me beseffen dat ik als meisje van op het platteland best goed kon aarden in een stad, en ik vond dat echt plezant. Dit heeft meegespeeld in mijn beslissing om 8,5 jaar geleden in Brussel te komen wonen. Ik deed mijn hogere studies handelsingenieur aan de VUB en startte als leerkracht economische vakken en wiskunde in Koninklijk Atheneum Ukkel (nu GO! Atheneum Kalevoet). Daar deed ik dan enkele maanden een vervanging als directeur, vervolgens was ik 4 jaar en enkele maanden directeur in het GO! Atheneum Emanuel Hiel, tot ik zo’n drie jaar geleden deze nieuwe uitdaging aanging bij COOVI.

Hoe verloopt de samenwerking tussen Brusseleir en Coovi precies?

Brusseleir kende ik al omwille van de toêllesse die jullie organiseren. Ik heb de lessen altijd al willen volgen, maar vreesde dat de combinatie van werken en het gezinsleven ervoor zou zorgen dat ik vaak lessen zou moeten missen en dat zou ik bijzonder jammer vinden. Toen kwam de pedagogische studiedag en moesten we brainstormen over wat we die dag zouden kunnen organiseren. Ik betrek graag een oud-leerkracht die iets bijzonders heeft betekend voor de school of leerlingen. Als snel kwam ik uit bij Luc Tastenhoye, oud-leerkracht hotel en een echte Brusseleir. Omdat vele leerkrachten een beetje van overal komen, maar na hun werk meteen weer de ring op richting thuis vertrekken, bedacht ik om het team na het pedagogische gedeelte een Brusselse namiddag aan te bieden. Voor de gelegenheid sloegen we de handen in mekaar met Brusseleir!, onder de vorm van een mini-theatervoorstelling van het Brussels Volkstejoêter in Zinnema te Anderlecht en daarna met z’n allen op de metro richting centrum Brussel, dat was voor velen de eerste keer dat ze de metro namen in de stad. Vervolgens was er een lunch in het Goudblommeke in Papier. Tijdens de proclamatie op het einde van het schooljaar werd de muzikale noot voorzien door Emballage Cadeau. In de toekomst zal Brusseleir! meewerken aan verschillende events waar ze een Brusselse touch aan geven zoals de EAHT-wedstrijd (European Association of Hotel and Tourism schools), een wedstrijd voor hotel en toerisme die we hosten, het Irisfeest, we spelen ook nog met de gedachte om een liefdadigheidsrestaurant te organiseren. De samenwerking gaat vaak in twee richtingen, we zorgen voor elkaars visibiliteit vooral in het centrum en Anderlecht.

Je woont al een tijdje in Ganshoren, heb je een favoriete Brusselse ekspression?

Jazeker, er is zelfs een anekdote aan verbonden. Toen ik pas gestart was als directeur in COOVI dienden we met de school een receptie te verzorgen in het Europees Parlement. Ik vroeg de technisch adviseurs waar we het best mee zouden scoren. De adviseur van de slagerij-afdeling stelde ‘Plat Spéciale’ voor. Ik reageerde met een ‘Ja, ik hoop dat elke afdeling van deze school wel iets speciaals zal maken he?’. Waarop iedereen smakelijk moest lachen omdat het één niks met het ander te maken had. Het zijn namelijk varkenstongetjes in Madeirasaus, een ware delicatesse uit Zuid-West Brussel en de streek rond het Pajottenland, gekend voor zijn malse structuur en volle smaak. Het staat sindsdien op de verlanglijst van het Europees Parlement vanwege het grote succes. De tongetjes zijn gegeerd goed, er is slechts 1 beenhouwer in Sint Pieters Leeuw die het nog aanbiedt geloof ik, voorts is het eerder een rariteit, vandaar dat we er bij gelegenheid graag mee uitpakken.

Waar vertoef je het liefst in Brussel?

Omdat ik Ganshoren woon zou ik makkelijk café ‘In den Hemel’ kunnen zeggen. Maar weet je, ik vind het fijn om met de fiets naar de campus te komen als het weer het toelaat. Dan passeer ik langs Molenbeek, Koekelberg, Anderlecht, de Kanaalzone. Ik kan er intens van genieten om mooie dingen zoals een binnentuintje te ontdekken op een onverwacht moment. Ook de campus zelf is een architecturaal pareltje. Je vindt hier veel groen en op zich is de site goed onderhouden, er hangt ook een geschiedenis aan vast. Het was voorzien als school, maar is vlak na WOII ook gebouwd als reserve-kazerne. Alle gebouwen zijn via onderaardse gangen met elkaar verbonden, zeer praktisch voor de nutsvoorzieningen. Bij elke fase van de bouw van de campus zijn er niet-alledaagse feiten gebeurd. De afgevaardigden/députés van de provincie Brabant raakten het niet eens over de plannen en de gemoederen raakten zo verhit dat er geschoten werd – niet zo ongewoon net na WOII – waarbij alleen Emile Gryson het debacle overleefd heeft. Vandaar de naam van de straat: de Emile Grysonlaan. Later raakten de architect en de aannemer het niet eens over de typische gevelsteentjes. De architect kreeg zijn zin en de aannemer is uiteindelijk failliet gegaan door het feit dat hij steeds herstellingswerken moest uitvoeren aan de gevelsteentjes die van de gevel vielen.  Er bestaat een stripalbum over het hele ontstaan. Ik ben ook een grote fan van de Spiegelzaal in het Brussels Parlement, wat een pracht van een locatie is dat! Waar ik het liefst toef in Brussel ligt echter een beetje lager, ik hou van de buurt van de Vlaamsesteenweg, er heerst zo’n gezellige drukte en dat benadrukt het mooie van Brussel. Bovendien zijn er enkele ex-leerlingen met een eigen zaak zoals Resto Henri en Bij den Boer, het is echt bijzonder fijn bij hen de voeten onder de tafel te schuiven en te zien hoe goed ze het doen. Mijn stamcafé is de Merlo. Het is een plek waar je snel contact kan leggen. Je hoeft er zelfs niet echt met iemand af te spreken, je komt wel iemand tegen die je kent of raakt er aan de praat als je daar zin in hebt. Doordat ik dagelijks in contact kom met alles wat er bij horeca kom kijken, hou ik van een gastronomisch hoogstandje af en toe, maar ik kan even goed genieten van een Brusselse klassieker die met smaak werd klaargemaakt zoals ballekes in tomatensaus, stoemp, spruitjes of witloof, … bij Chez Soje in Jette of Frituur René in Anderlecht bijvoorbeeld. In het weekend heb ik tijd om zelf te koken en dan is de kans groot dat er een paardensteak in de pan ligt die ik bij Geert Vermeire in Ganshoren gekocht heb.

Heb je een droom voor Brussel?

Ik meen het als ik zeg dat Brussel echt geweldig is zoals het nu is. Maar als ik zou kunnen kiezen dan maakte ik dat elke leerling de kans kreeg om toegang te krijgen tot eender welke opleiding zodat ieder op zoek kan naar zijn eigen talent. Vaak moeten kinderen eerst hun tenue verslijten voor ze een andere richting mogen kiezen. Sommige richtingen lijken voor velen geen optie omwille van het prijskaartje. Het aanbod in Brussel is op zich al heel volledig, maar het zou nog toegankelijker mogen. In principe zou onderwijs gratis moeten zijn. Al is dat een utopie natuurlijk, er is zoveel materiaal dat bekostigd moet worden zoals uitrusting, boeken, lesmateriaal. Het zou toch geweldig zijn als iedereen de kans krijgt om aan een opleiding te beginnen, ongeacht het prijskaartje. Wie weet er nu op zijn twaalfde al wat ie later wil doen? Daarnaast zou ik mensen meer buiten hun eigen gemeente willen laten denken, dat ze ervoor openstaan zich te verplaatsen voor de scholing van hun kroost, dat kan echt verrijkend zijn. Ik ben blij dat mijn twee dochters buiten Ganshoren gaan studeren zijn en ik heb het idee dat ze in Brussel zullen blijven werken en op zoek gaan naar hun eigen stek hier.

En voor jezelf?

Ik ben heel blij hier, voor mijzelf kan ik geen betere plek of job bedenken, ik hoor hier thuis, in COOVI, in scholengroep Brussel. Het GO! Onderwijs is echt mijn ding, samen met de GO!-visie die daar bij aansluit. Het neusje van de zalm, als ik het zo zou kunnen omschrijven. Het is een veeleisende job waar je van alle markten thuis moet zijn. Je moet iets kennen van het financiële plaatje, dan is er ook nog het pedagogische aspect en natuurlijk een team kunnen aansturen. Om nog maar te zwijgen van de infrastructuur en wat daar allemaal bij komt kijken. In feite moet je van elk detail op de hoogte zijn om alles correct te kunnen opvolgen. Maar ik vind het de best mogelijke post op een schitterende locatie. Bij momenten moet ik nog op zoek naar het juiste evenwicht tussen werk en privé, dat is een vaak een moeilijke evenwichtsoefening. Als ik al iets zou wensen voor mijzelf is het enkel het nog zo lang mogelijk op deze manier te kunnen volhouden en mee te bouwen aan de toekomst van mijn leerlingen met opleidingen op maat waarmee ze aan de slag kunnen en hun talent ten volle kunnen ontplooien.